Groei laadinfra versus parkeerdruk
Van "Denk mee over openbare laadpalen en ons plan voor elektrisch laden"
Ga naar het project
In de binnenstad van Zierikzee hebben bewoners doorgaans geen mogelijkheid om op eigen terrein te parkeren en te laden. Zij zijn daardoor volledig afhankelijk van openbare parkeerplaatsen en laadvoorzieningen.
Tegelijkertijd is het aantal parkeerplaatsen voor bewoners met een vergunning de afgelopen jaren afgenomen. De parkeerdruk is inmiddels zeer hoog (ruim boven de 85%), wat leidt tot zoekverkeer en aantasting van de leefbaarheid.
In het concept-uitvoeringsplan wordt aangegeven dat bij toenemende vraag binnen de concessie extra laadpunten worden geplaatst. Dit betekent in de praktijk dat reguliere parkeerplaatsen verder worden omgezet naar laadplaatsen. Bovendien bestaat het risico dat voertuigen, bij gebrek aan alternatieve parkeerplekken, na het laden blijven staan (“laadpaalkleven”). Hierdoor wordt de laadinfrastructuur minder efficiënt benut en neemt de zoekdruk voor zowel laden als parkeren verder toe.
Hoewel in de gemeentelijke uitvoeringseisen parkeerdruk wordt meegewogen bij locatiekeuzes, is de huidige parkeerdruk in de binnenstad al dusdanig hoog dat elke extra onttrekking van parkeerplaatsen direct gevolgen heeft voor bereikbaarheid en leefbaarheid.
Mijn vraag is daarom:
Hoe gaat de gemeente concreet om met dit spanningsveld tussen de groei van laadinfrastructuur en de bestaande parkeerdruk in de binnenstad? En in hoeverre behoudt de gemeente daadwerkelijk sturingsmogelijkheden op het tempo en de locaties van nieuwe laadpunten, zodra de plankaart is vastgesteld en de concessie operationeel is?
Daarnaast beschikt de gemeente via de aan parkeervergunningen gekoppelde kentekens over inzicht in het aandeel elektrische voertuigen onder bewoners. In hoeverre wordt deze lokale data gebruikt om prognoses te ijken en maatwerk toe te passen voor gebieden zoals de binnenstad van Zierikzee, waar de ruimtedruk significant afwijkt van gemiddelde aannames?
